Dichtbij zichzelf én dichtbij de natuur blijven. Het is iets wat Hilde Palmaerts met de jaren steeds beter heeft geleerd. In die zin ‘klopt’ het dat ze de laatste jaren van haar actieve loopbaan bij Sereni doorbrengt. “Het feit dat Sereni het begrafeniswezen nieuw leven wil inblazen, sprak me bijzonder aan.”
Het is vredig en rustig op haar terras in Kalmthout. De vogels laten zich horen en poes Stefanie is er graag bij, zij het zonder zich te laten pakken. De deur staat open naar de leefruimte, waar echtgenoot Willy zit te werken. Op 61 valt het leven in de plooi, zo lijkt het wel. Hilde Palmaerts beaamt. “Het is een mooie leeftijd. De rust die je vindt op vlak van werk en relatie doet veel deugd.”
Hilde is sinds drie jaar aan de slag bij Sereni. Eerst als boekhoudster, de laatste tijd houdt ze zich vooral bezig met klantenopvolging. Ze is blij dat Sereni haar op 58 “geen makkelijke leeftijd” de kans gaf om bij hen te komen werken. “Ik had mijn vorige job, als credit controller bij een bouwbedrijf, zelf opgegeven. Ik had te veel stress en te weinig connectie met het product en met de mensen. Mijn ontslag indienen was een gok. Ik had nog twee kinderen aan de universiteit. Maar ik kon er echt niet blijven. Toen ik bij Sereni op gesprek mocht gaan, was het hevig aan het sneeuwen. Maar ik moest en ik zou erdoor gaan. En er was een klik. En gelukkig was die wederzijds.”
Hilde had nooit in de uitvaartsector gewerkt. “Maar het feit dat Sereni het begrafeniswezen nieuw leven wilde inblazen, sprak me bijzonder aan. Net zoals voor velen was de sector voor mij altijd een beetje een duistere wereld geweest. Uitvaartcentra zag ik als groezelige winkeltjes met donkere gordijnen. Sereni schaaft dat imago bij. Met heldere ruimtes met veel hout, en een eigentijdse huisstijl. Ik vind dat belangrijk. Vroeg of laat hebben we allemaal een uitvaartondernemer nodig. Die wereld moet niet weggemoffeld worden.”
Afscheid van lievelingszus
Ze werd zelf vrij jong met een heftig afscheid geconfronteerd. “Ik kom uit een gezin met zes kinderen. De zus waar ik de hechtste band mee had, is overleden toen we allebei jonge dertigers waren. Ze had een hersentumor. Het ging bijzonder snel. Tussen het nieuws van haar ziekte en haar overlijden zat amper een week. Mijn zus was iemand die volop in het leven stond. Met drie kleine kinderen. Het was niet te vatten.”
Hilde voelde toen hoe krampachtig we vaak omgaan met de dood. En hoe weinig plaats die krijgt in onze maatschappij. “Veel mensen kunnen er niet over praten. En eigenlijk is dat gek. Want de dood is een deel van het leven. In andere culturen gaan ze er naar mijn mening beter mee om. Mijn ex-man is van Marokkaanse afkomst. Ik ben vaak naar Marokko geweest. Daar zag ik dat de dood meer een plek krijgt. En dat mensen het aanvaarden als hun tijd gekomen is.”
Wie de dood in de ogen durft te kijken, kan er ook kracht uit putten, vindt Hilde. “Als gezin heeft de dood van mijn zus ons sterker gemaakt. Het heeft ons dichter bij elkaar gebracht. Ook de band tussen mijn ouders is erdoor verstevigd. Er is niets erger dan een kind verliezen. Maar mijn ouders hebben elkaar gevonden in hun verdriet. Het deed hen anders naar veel dingen kijken. Voorheen hadden ze stereotiepe verwachtingen van hun kinderen. Daar zijn ze van afgeweken. Dat maakt dat ze dankbaar zijn kunnen sterven.”
Aan de begrafenis van haar zus bewaart Hilde mooie herinneringen. “Het was erg troostend”, zegt ze. Ook dat is iets wat ze apprecieert aan haar werkgever. “Sereni staat voor een persoonlijke manier van afscheid nemen. Ik vind dat belangrijk. Een jaar voor ik bij Sereni aan de slag ging, ben ik een goede vriend verloren. Zijn afscheid was een receptie op een kasteel. Er werden filmpjes afgespeeld, en zijn lievelingsmuziek. Zijn vrouw droeg een mooie rode jurk. Toen kreeg ik het gevoel: dat is het. Als iemand sterft, kun je ook het leven vieren. Dankbaar zijn voor wat er is geweest.”
Covid is op dat vlak verschrikkelijk geweest, vindt Hilde. “Het is hard om dat troostende moment te moeten missen.” Hilde kan er zelf van meespreken. Ze heeft het voorbije jaar haar beide schoonouders begraven. “Tachtigers die mooi en goed geleefd hebben. Maar om zo te moeten gaan, dat is keihard. Mijn schoonmoeder had een sluimerende ziekte. Ze liep corona op in het ziekenhuis en is vrij snel gestorven. We hebben haar niet meer kunnen zien. Op zo’n manier zou niemand mogen gaan. En dan die begrafenis met vijftien mensen. Het was echt rot.” Haar schoonvader is kort daarna gestorven. “Hij heeft thuis euthanasie gekregen. Daar zijn we wel bij aanwezig geweest. Ondanks alles was het een mooi moment. Ik vind het ook mooi dat iemand aanvaardt dat zijn tijd gekomen is.”
Administratieve rompslomp uit handen nemen
In haar job ziet Hilde vaak de andere kant van de uitvaart: de financiële en administratieve afhandeling. Als klantenopvolger neemt ze contact met families als er iets fout loopt, bijvoorbeeld bij betalingsproblemen. “Dat gebeurt vaker dan je denkt”, zegt ze. “Soms zijn het schrijnende situaties: kinderen die geen contact meer hadden met hun ouder en de begrafenis niet willen betalen. Of de partner in een nieuw samengesteld gezin die alles regelt, maar de factuur doorschuift naar de kinderen omdat hij of zij geen erfgenaam is. Vroeger moesten uitvaartondernemers zelf een oplossing vinden. Nu los ik het op. Ik maak een afbetalingsplan, of bekijk de mogelijkheden samen met de nabestaanden of de notaris. Uitvaartondernemers de administratieve rompslomp uit handen nemen, zodat zij op de essentie kunnen focussen, voor mij is dat dé meerwaarde van Sereni.”
Hilde heeft zelf drie kinderen, van 36, 25 en 23 jaar, met wie ze een intense band heeft. En die ze heeft grootgebracht met als voornaamste leidraad dat ze hun hart moesten volgen. Een raad die ze, tot grote vreugde van hun moeder, ter harte nemen. De oudste, Tomas, leeft zijn passie voor tekenen uit in een goed draaiend tatoeagesalon. De tweede, Yassine, is master in de Sociale Geografie, maar start volgende maand een biologische bakkerij in Antwerpen. En Lina, de jongste, studeerde kunstgeschiedenis en is nu curator in NICC, een centrum voor kunstenaars. “Ik ben fier”, zegt Hilde. “Ze doen het goed en ze zijn gelukkig. Ik heb het idee dat ze de juiste prioriteiten leggen.”
Zelf heeft ze dat misschien te weinig gedaan, zegt ze. “Ik ben opgegroeid in een andere tijd.” Maar nu de kinderen op eigen benen staan, kiest ze steeds vaker voor zichzelf. De rust en verbondenheid die ze nodig heeft, brengen haar vaak naar Zeeland. “Ik heb mij daar altijd goed gevoeld. Door de weidse natuur, de stilte. En de aard van de Nederlanders. Ik houd van hun directheid.” (lacht) Twee jaar geleden werd de passie voor Zeeland bezegeld met de aankoop van een vakantiehuisje. “Zo vaak als we kunnen, trekken we erheen.”
De kracht van de natuur
Met ouder worden heeft ze de natuur meer nodig, zegt Hilde. “Ik heb lang en graag in de stad gewoond, maar vandaag vind ik mijzelf in de stedelijke hectiek niet terug.” Wat de natuur haar dan biedt? “Het gevoel een deel te zijn van een groter geheel. Ik vind dat een geruststelling.”
Hilde wil nog twee jaar werken. En daarna nog meer tijd nemen om de natuur op te zoeken en te genieten. Ze is blij dat ze haar professioneel leven bij Sereni zal afsluiten. “Het is een mooi bedrijf, dat iets wezenlijks doet voor de samenleving en waar ik mij gewaardeerd voel.”
Of ze soms over haar eigen afscheid nadenkt? “Zeker”, zegt Hilde. “Ik kan daar gelukkig over praten. Met mijn man. En met mijn kinderen. De financiële kant staat op papier. Daar zullen de kinderen geen zorgen rond hebben.” En het afscheid zelf? “Laat dat maar een feestje zijn, zoals bij die vriend. Met muziek en lekker eten.” Al mag het nog even duren. “Wees gerust. We zijn op Zeeland nog lang niet uitgekeken.” (lacht)